Marc Dorst: Nieuwe CNV vakbondsbestuurder voor de drinkwatersector

Bijgewerkt op: 19 okt.

Marc Dorst is inmiddels begonnen in de drinkwatersector als de nieuwe vakbondsbestuurder van het CNV. Marc is 29 jaar, werkt al twee jaar bij het CNV en is onlangs de trotse vader van een dochter geworden. Eerder heeft hij ook als adviseur bij BDO gewerkt. Naast zijn werk voor het CNV is Marc ook actief in de gemeentepolitiek in zijn woonplaats Veenendaal.




Waarom ben je bij een vakbond gaan werken?

Marc: “Ik wil graag werk doen dat maatschappelijk relevant is en waar ik wat betekenen voor de mensen. Vakbonden hebben van oudsher een belangrijke taak en positie in de polder en houden zich bezig met maatschappelijk relevante zaken. Vakbonden praten bijvoorbeeld mee in de politiek over wet- en regelgeving. Zij zijn vertegenwoordigd in de besturen van pensioenfondsen en sociale fondsen en zij behartigen de belangen van alle werkenden en uitkeringsgerechtigden. Door hun sterke positie in het maatschappelijke speelveld hebben vakbonden de kracht om zaken aan te pakken en kunnen daarmee impact hebben op de maatschappij. Toevallig kom ik in een hele leuke periode bij de vakbond. De komende jaren zullen vooral in het teken staan van de personeelstekorten.


Werkgevers zullen aantrekkelijk moeten zijn om nog voldoende personeel te kunnen aantrekken en om deze mensen te kunnen behouden. Dat is een positief streven en leuker om aan te werken dan aan dingen die voorgaande periodes meer op het bordje van de vakbonden lagen, zoals reorganisaties en het afvloeien van personeel.”


Wat weet je inmiddels al van de drinkwatersector?

Marc: “Ik heb heel bewust gekozen om actief te zijn voor de drinkwatersector. De drinkwatersector is een innovatieve sector die een product levert dat van groot maatschappelijk belang is. De sector staat ook voor een aantal serieuze uitdagingen zoals de watertransitie. Van de waterbedrijven en dus van hun medewerkers wordt de komende jaren veel gevraagd om te blijven zorgen voor continu voldoende drinkwater van hoge kwaliteit. Om die uitdagingen het hoofd te bieden zijn vernieuwing en creativiteit noodzakelijk. Ik heb de medewerkers van de drinkwatersector inmiddels al leren kennen als gedreven mensen, die met passie hun werk doen. Er is een ook actieve CNV-ledengroep in de drinkwatersector. Ik kijk er naar uit om met hun aan de slag te gaan om te zorgen dat de drinkwatersector een aantrekkelijke sector blijft. Een goede cao die relevant is voor alle medewerkers draagt daaraan bij.”


Waar ga jij je de komende periode voor in zetten?

Marc: “Ik verwacht dat in het komende cao-overleg het inkomen een belangrijk onderwerp zal zijn, gezien de hoge inflatie en stijgende energieprijzen. Daarna wil ik graag werk maken van het ‘levensfasegericht vitaliteitsbeleid’ in deze sector. Het vitaliteitsbeleid heeft betrekking op alle medewerkers, ongeacht hun leeftijd of geslacht. Elke levensfase kent immers zaken die van invloed zijn op het werk. Om mensen lang en gezond aan de slag te houden, moet je oog hebben voor die specifieke zaken. Medewerkers moeten de mogelijkheden krijgen om in elke levensfase hun leven en werk met elkaar in balans te brengen. Voor een oudere medewerker zijn dat misschien weer andere dingen dan een jonge werknemer met kleine kinderen. Die continue afstemming van de behoeften van de medewerker en de eisen van het werk vraagt zowel wat van de werkgever maar ook van de medewerker. De oplossingen moeten uiteindelijk in het voordeel van beiden partijen zijn.”


Ben jij ook betrokken bij het cao-overleg?

Marc: “Ja, ik zit het komende cao-overleg aan de onderhandelingstafel. Deze cao-ronde doe ik nog wel samen met mijn CNV-collega Abhilash Sewgobind. Abhilash is in de afgelopen jaren als vakbondsbestuurder van het CNV betrokken geweest bij het cao-overleg. Omdat er in het komende cao-overleg nog wat onderwerpen worden besproken waar in het vorig cao-overleg afspraken over zijn gemaakt, ronden Abhilash en ik samen die onderwerpen af. Na dit cao-overleg ga ik alleen verder en ben ik het aanspreekpunt namens het CNV voor alle medewerkers en de werkgevers.”